Provinciale aanpak
Een gedeelde financiering
TopExotenbestrijding is een verantwoordelijkheid voor iedere waterloopbeheerder.
De kosten voor zowel de mechanische bestrijding als de nazorg worden volgens volgende verdeelsleutel verdeeld onder de partners:
- Waterlopen tweede categorie
- Gelegen buiten een polder: Provinciebestuur draagt 100% van de kosten
- Gelegen binnen een polder: Provinciebestuur draagt 80% van de kosten, het polderbestuur 20%
- Waterlopen derde en vierde categorie
- Provinciebestuur draagt 80% van de kosten, gemeente- en polderbestuur dragen 20% van de kosten
- Waterlopen eerste categorie of bevaarbare waterlopen: verantwoordelijkheid van de Vlaamse Overheid (contact: Philippe Carchon (VMM) en Nathalie Devaere (W&Z))
Sterke koppeling van de mechanische bestrijding en de nazorg
TopWanneer een bestuur een beroep doet op het provinciebestuur voor het uitvoeren van de mechanische bestrijding van plantenexoten in een waterloop, zal het provinciebestuur ook de nazorg aansturen. De nazorg is de essentiële schakel in het bestrijdingsproces, deze dient dan ook secuur en consequent te worden uitgevoerd. Hiervoor sloot de Provincie een overeenkomst af met vzw RATO, die instaat voor de uitvoering van de nazorg op terrein.
Van spotten van exoot tot en met nazorg
TopIn onderstaand schema zie je de verschillende stappen die kunnen doorlopen worden van bij het vinden van de exoot tot en met het uitvoeren van de nazorg.